Enige tijd geleden reageerde ik op een column van Matthijn Doekes op het CIP. In dit artikeltje wil ik niet mijn reacties (en die van hem), zomaar overnemen. Ik wil er iets aan toevoegen….

De column heeft me meer aan het denken gezet, dan ik in eerste instantie dacht. En dan met name over het principe van hokjes bouwen of labels plakken.

Mijn eerste reactie

Het artikel van Matthijn gaat over veel meer dan het hokje waar hij zichzelf al dan niet in plaatst. Hij tipt, zonder het waarschijnlijk zelf te beseffen, aan een probleem dat in alle geledingen van de samenleving is doorgedrongen. Het heeft te maken met status of aanzien. Het toepassen van labels (het plaatsen in hokjes) is in onze op de mens gerichte maatschappij noodzakelijk. Met het aanbrengen van labels kunnen we ieder mens rubriceren en indelen. Daardoor wordt de status van ieder mens bepaald.

Matthijn schrijft in zijn artikel:

Ik beschouw mezelf een beetje als een luis in de pels van het Koninkrijk. Een zwart schaap tussen de witte schapen. Een mug in een kerkelijk landschap. Ik ben namelijk geen hokjesfiguur en denk zelfstandig na. Ik neem geen blad voor de mond en verdedig standpunten openbaar en oprecht, wars als ik ben van enige opgeklopte onzin en zoete broodjes van een Disney-achtig Godsbeeld.

Matthijn Doekes

Mijn reactie op zijn artikel op het CIP laat ik hier maar weg, want in feite is die hier niet relevant. Het punt is echter, dat Matthijn met zijn opmerking over zijn persoon, zichzelf een aantal labels opplakt. En daarmee wordt het hokje waarin hij zich bevindt ook voor anderen zichtbaar. Hij plaatst maar liefst tien labels. Wat hij eigenlijk doet is zijn identiteit (de persoon) presenteren. Door die labels geeft hij anderen de gelegenheid hun positie  ten opzichte van die van hem te bepalen. In dit geval binnen een subcultuur van de maatschappij: de groep mensen, die het gezamenlijke label “Christelijk religieus betrokken” dragen. Vandaar dat ik reageer met de opmerking:

Verder komt dit artikel op mij over als een verwoede poging om te laten zien in welk hokje Matthijn Doekes wél is te plaatsen.

Jurriën L. Dokter

Mijn tweede reactie

Tijdens het schrijven met Matthijn begint me echter iets duidelijk te worden. Niet alleen dat wat ik hierboven reeds aangaf, maar ook nog iets anders: dat het plaatsen van labels (die de hokjes afbakenen) een bezigheid is die in feite niet thuishoort bij een ‘geestelijke’ christen. Ik schrijf aan Matthijn:

Het punt dat ik uiteindelijk wil maken is, dat u moet stoppen met het spreken over hokjes. Dat heeft namelijk alles te maken met hoe de mensen u zien en hoe u al dan niet wenst over te komen. Dat kan conflicten opleveren. Het plaatsen van jezelf of anderen in hokjes is een horizontale bezigheid (naar het vlees) en niet verticaal (naar de Geest). Als zodanig is uw artikel te lezen als een soort verontschuldiging voor het feit dat u niet in een hokje past.

Jurriën L. Dokter

Ga er gewoon vanuit dat u in één hokje mag zitten: in Christus. Dan zullen degenen die NIET in dat hokje zitten u eenvoudig niet kunnen plaatsen (want ‘IN Christus zijn’ is voor hun een geheimenis). En degenen die óók in dat hokje zitten (dat zijn er meer dan u denkt!) zullen u herkennen als u ze tegen komt.

Als u zich evenwel NIET in Christus’ hokje bevindt, dan hebt u echt een probleem, want dan bent en blijft u een ‘thuisloze’. Ik hoop echter oprecht dat dát niet het geval is.

Naar de Geest en naar de mens

Er bestaan binnen de groep met het label: “christenen” twee categorieën gelovigen. Gelovigen ‘naar de Geest’ en gelovigen ‘naar de mens’. Ik denk dat we deze twee ‘soorten’ gelovigen overal tegenkomen. In andere religiën vindt men overigens enkel maar gelovigen naar de mens. Daarnaast geloof ik dat we binnen het Lichaam van Christus alleen maar ‘christenen naar de Geest’ tegenkomen. In de natuurlijke kerk vinden we wel weer beide categorieën. Vandaar dat er maar één Lichaam is, maar vele soorten kerken en gemeenten.

Voor het functioneren in de samenlevingen van deze wereld, kunnen we niet zonder labels. Dat komt omdat elk mens op deze wereld in meerdere hokjes wordt geboren. En om die hokje van elkaar te onderscheiden zijn labels nodig. Iedereen die iets weet van wiskundige verzamelingen weet precies waar ik het over heb. Elke verzameling (met een label) maakt weer deel uit van andere, omvattende verzamelingen. Een label zou kunnen zijn: De mens. Dat label is nodig om onderscheid te kunnen maken van een andere verzameling met het label: De dieren. Labels zijn dus nodig om te communiceren. Want anders weet niemand waar je het over hebt.

Maar er zijn ook labels die een ander karakter hebben en dat zijn kwaliteit-labels of status-labels. En het is deze categorie waar het in dit artikel over gaat. De labels ‘christen naar de Geest’ en ‘christen naar de mens’ zijn echter labels waar je binnen onze samenleving niets kan. Je ziet immers het verschil niet? Dat komt omdat we als natuurlijke mens slechts ‘zien wat voor ogen is’. Vandaar dat we altijd weer geneigd zijn om natuurlijke labels op te plakken. En dat doen zelfs ‘christenen naar de Geest’. Het probleem is echter, dat het label ‘christen naar de Geest’ een eindlabel is dat je met natuurlijk ogen niet kunt zien.

Een christen die op natuurlijk vlak wat wil voorstellen, zal altijd gebruik maken van labels. Behalve dus de christen, die op natuurlijk vlak niets wil voorstellen. Een christen naar de mens, is dan ook altijd te herkennen, want je leest gewoon zijn labels en dan weet je wat die ander voorstelt. Letterlijk. Zo kun je ook altijd lezen op achterflappen van boeken in welke titels en prestaties een christelijke schrijver zich kan beroemen.  Maar ook voorgangers en leiders binnen kerken en gemeenten en ook ‘solisten’ als evangelisten en sommige predikers, maken gebruik van labels om hun positie in de samenleving zeker te stellen. Vandaar dat ik op deze natuurlijk georiënteerde christenen, het label: ‘christenen naar de mens’ plak.

Groeien in het Koninkrijk

Het Koninkrijk van God is een metafoor. Het Koninkrijk van God is niet van deze wereld en zal het ook nooit worden. Deze wereld in de vorige zin is namelijk óók een metafoor. Het Koninkrijk van God is de plaats waar God het Koningschap uitoefent; de wereld is de plaats waar in principe de mens het voor het zeggen heeft. Het zijn echter allebei onzienlijke koninkrijken. Je zou kunnen zeggen, dat het principes of gezindheden zijn. Het Koninkrijk van God is hemels; het koninkrijk van de mens is aards.

De gehele natuurlijke  schepping is aan de vergankelijkheid onderworpen. Dat betekent dat ze onderworpen is aan de wereldse of ongeestelijke of vleselijke gezindheid. Werelds wil in dit geval zeggen: een natuurlijke gezindheid. En omdat het Koninkrijk van God uiteraard de gezindheid van de Geest vertegenwoordigt, zal het Koninkrijk van God nooit een wereldse of natuurlijke gezindheid krijgen. Dat het Koninkrijk uiteindelijk op aarde zichtbaar zal worden (zich in de natuurlijke wereld zal manifesteren) is het gevolg van het verdwijnen van de wereldse of vleselijke gezindheid.

De gezindheid van de wereld

Christenen bevinden zich in de ‘wereld’. Dat betekent dus dat ze met die gezindheid te maken hebben, of ze dat nu prettig vinden of niet. Vandaar de uitdrukking: “wel in de wereld, maar niet van de wereld“. We bevinden ons wel temidden van mensen met een vleselijke gezindheid (die van de wereld), maar maken er geen deel van uit.

Nu is het echter zo, dat ‘de christen naar de mens’ zich toch nog laat leiden door de gezindheid van de wereld en dat ‘de christen naar de Geest’ zich langzamerhand de gezindheid van de Geest eigen maakt. Een christen naar de Geest zal steeds minder waarde hechten aan labels, omdat geen enkel label in staat is zijn status in Christus weer te geven. En zijn positie of status in de natuurlijke wereld zal er steeds minder toe doen: De gezindheid verandert. Echter: wil hij nog iets betekenen in deze wereld, dan zal hij als het ware verplicht weer gebruik moeten maken van labels. Labels die alleen in de natuurlijke wereld van waarde zijn.

De gezindheid van de Geest

Ik kan me om die reden voorstellen, dat een echte ‘christen naar de Geest’ voor degene die ‘ziet wat voor (natuurlijke) ogen’ is, uiteindelijk onzichtbaar wordt. Niet letterlijk, maar vanwege het ontbreken van labels. Zo’n christen functioneert als zodanig enkel maar in de geestelijke wereld in het Koninkrijk van God. In de zichtbare wereld is hij een gewone, dus onopvallende mens. Een grijze muis, zogezegd. Je kunt hem aan niets herkennen, want hij heeft geen labels, dus geen status of positie en dus ook geen natuurlijke autoriteit. Als echter Christus zelf zich wil manifesteren (Zijn getuigenis wil geven), plakt Hij een tijdelijk label op deze christen, waardoor hij ineens wél zichtbaar is. Maar dit gaat van Christus zelf uit en is niet een eigen initiatief van de christen. In de praktijk betekent dit vaak enkel maar een geur die de christen verspreidt

Dat alles betekent dus dat een christen naar de Geest altijd met twee ‘werelden’ rekening moet houden. In de natuurlijke wereld functioneert hij als normaal lid van de samenleving, compleet met alle labels die daarbij horen. Als christen functioneert hij echter alleen in de geestelijke wereld en draagt hij het label: ‘van Christus’. Dat label brengt echter geen onderlinge positie of status met zich mee, want iedere geestelijke christen draagt hetzelfde label. Er zijn echter wezens in diezelfde geestelijke wereld, voor die dat label wél een onderscheid betekent: dat zijn diegenen die het label: ‘niet van Christus’ dragen. Zij sidderen en begrijpen dat hun einde nabij is, want tot hun grote woede neemt het aantal dragers van het label: ‘van Christus’ nog steeds toe. Dat betekent concreet dat er in de geestelijke wereld steeds minder plaats is voor hen die het label: ‘niet van Christus’ dragen.

Q

Neem contact op met de beheerder

U kunt onderstaand formulier gebruiken voor uw vraag, opmerking, correctie of aanvulling. Als uw bericht een specifiek artikel betreft, vergeet dit dan niet te vermelden. Indien u persoonlijk antwoord wilt ontvangen, geeft u dan u e-mailadres op. Uw bericht wordt dan niet op de website behandeld.
NB: Uw e-mailadres wordt niet door mij bewaard en ALLEEN gebruikt als u een persoonlijk antwoord wenst. Uw vraag/opmerking komt alleen bij mij terecht.

Neem contact met me op

Wilt U reageren op dit artikel?

Als u een reactie wilt geven of een gesprek wilt starten over wat u in dit artikel heeft gelezen, dan vraag ik u een account aan te maken en in te loggen.

Heeft u reeds een account dan kunt u hieronder inloggen. Geen account? Hier kunt u registeren.

Voordat u een account aanmaakt ....

Het account is bedoeld om u in de gelegenheid te stellen te reageren op artikelen. Dit is een service aan mijn lezers. Ik ga er derhalve vanuit, dat áls u een account aanmaakt, u óók reageert op een artikel.

Iedere bezoeker kan een account aanmaken. Maar aan ‘werkeloze’ abonnee’s heb ik geen behoefte. Een dergelijk ‘stille’ abonnee zal dan ook, meestal na 48 uur, van mijn website worden verwijderd. Als u binnen 48 uur een reactie schrijft op een artikel, zal uw account uiteraard niet meer worden verwijderd, tenzij u daarom verzoekt of uzelf via uw admin-paneel verwijdert.

Ik ben op zoek naar zinvolle en constructieve reacties en niet naar potentiële spammers.

Q

Login voor reacties en gesprekken