Porno en de Bijbel

Terug naar: Kort door de Bocht

Iemand merkte op:

Porno is een algemeen verschijnsel geworden in Nederland. Hoe moeten we dit zien in het licht van teksten als: Alles mag maar niet alles is nuttig; Alles is rein voor de reinen.

NB (opmerking JLD): De titel van dit artikel is overigens niet van mij, maar van degene die ook de opmerking in de bovenstaande quote maakte.

Wat is het?

Porno is verkort voor pornografie. Het woord is in de jaren vanaf 1926 tot 1950 ontstaan uit het Franse pornographie, dat weer is gevormd uit het Griekse pornographos, dat zoveel betekent als ‘over hoeren schrijvend’. Dat komt weer van ‘pornos’: die zich aan ontucht schuldig maakt, ‘porné’: hoer. Dat is verwant met pernèmie: ‘ik verkoop (met name levende waar)’. En dat laatste woord is weer verwant met het Latijnse ‘pretium’ dat: ‘waarde van iets, prijs of beloning’ betekent.

Pornografie wil dus zeggen, het schrijven van ontuchtige literatuur  en, sinds de uitvinding van de fotografie en de videografie, het afbeelden/uitbeelden van seksuele handelingen. Uiteindelijk is de pornografie een middel om de sexualiteit van de lezer/kijker te prikkelen.

Uit het voorgaande blijkt dus geen direct verband tussen pornografie en de Bijbel. De Schrift spreekt zich niet over porno uit, gewoon om het feit dat het verschijnsel in Bijbelse tijden niet bekend was. Ongetwijfeld zal er erotische literatuur zijn geweest, maar het begrip als zodanig wordt niet genoemd. Daarnaast is het de vraag of de directe bedoeling van de erotische literatuur was de sexualiteit van de lezer te prikkelen. 

Dat pornografie een algemeen verschijnsel is geworden (niet alleen in Nederland natuurlijk) is, naar mijn mening, het gevolg van het feit, dat de mens voor wat betreft zijn sexualiteit, de weg kwijt is. De sexualiteit is commerciële handelswaar geworden; een spel van kunstmatig opvoeren van de vraag en het vervolgens vergroten van het aanbod. Ze maakt een onderdeel uit van een spel voor volwassenen, dat al vele eeuwen tussen mensen wordt gespeeld en zich steeds meer in een neerwaardse spiraal bevindt. Door de grote beschikbaar wordt deelname aan het zinnenprikkelende spel steeds goedkoper, maar moeten de mensen die er aan meedoen ook steeds verder  en fanatieker spelen om hun opgezweepte seksuele verlangens nog te bevredigen.

Het effect?

Het effect van pornografie is dat het het beeld van de Bijbelse en intieme, kwetsbare relatie tussen twee levenspartners onder druk zet. Degenen die verslaafd zijn aan porno, maar ook degene die er voor het eerst mee kennis maakt, merkt dat het zijn beeld van de ander seksueel beïnvloedt: je gaat met andere ogen naar die ander kijken. Daarnaast geeft het de sexualiteit een hogere status dan de Bijbel haar geeft. Dat is het effect van de verslavende werking die van de pornografie uitgaat. Met andere woorden: de sexuele partner raakt onderworpen aan je verlangens seksuele handelingen uit te voeren.

Pornografie is verslavend. Het beschadigt het mensbeeld en werkt liefdeloosheid in de hand. Het wekt heerszucht op. Het zorgt er voor, dat de ander niet meer wordt gezien als een gelijkwaardig wezen met recht op respect (en privésfeer), maar als een object dat je naar believen voor je eigen bevrediging kan misbruiken. Pornografie is dus ten diepste egocentrische zelfbevrediging.

Wat zegt de Bijbel?

Als je de uitspraak: „alles is geoorloofd, maar niet alles is nuttig“, in z’n context bekijkt, dan blijkt dat het hier gaat om de relatie met Christus. Dat wat dan ’niet nuttig is’ is dat wat die relatie onder druk stelt of beschadigt. Porno heeft de eigenschap om al je gedachten en verlangens voor zichzelf op te eisen. Een christen die toegeeft aan pornografie zal merken, dat het zijn relatie met Christus, in elk geval tijdelijk, op een lager niveau brengt. De vrede en rust in Christus is na de daad in één klap verdwenen; hij voelt dezelfde eenzaamheid en leegte die ook Adam en Eva voelden, nadat ze van de vrucht van kennis van goed en kwaad hadden gegeten. En het kost duidelijk wat moeite om weer opnieuw met Jezus in het reine te komen. Dit gevoel en deze ervaring is met name het gevolg van een mistap op seksueel terrein. Dat heeft óók te maken met de mate waarin je jezelf de overtreding kunt vergeven. 

De context van „alles is rein voor de reinen“ is wel heel erg toepasselijk in verband met pornografie. Titus 1:15-16 (NBG1951) „Alles is rein voor de reinen, maar voor hen, die besmet en onbetrouwbaar zijn, is niets rein. Maar bij hen zijn zowel het denken als het geweten besmet. Zij belijden wel, dat zij God kennen, maar met hun werken verloochenen zij Hem, daar zij verfoeilijk en ongehoorzaam zijn en niet deugen voor enig goed werk“. 

Het rein of onrein zijn gaat hier aan de daad vooraf. De daad komt voor uit het denken. Dat denken is rein (schoon) of besmet. Hieruit kun je dus concluderen, dat je wens of beslissing om aan pornografie toe te geven, voortkomt uit een onrein geweten. Een onrein geweten impliceert een misleid of verduisterd denken. Met de opmerking „alles is rein voor de reinen“, dien je dan ook in te zien, dat de tekst vervolgt met: „maar voor hen, die besmet en onbetrouwbaar zijn, is niets rein“. Het is dus de vraag onder welke categorie je wenst te vallen. Het antwoord daarop kun je enkel maar voor jezelf geven. Maar door eerst na te denken voordat je je overgeeft aan de verslavende onreinheid van pornografie, kun je jezelf veel ellende (en beschadiging van je reine relatie met Christus) besparen. Want die eerste misstap, verlaagt niet alleen de drempel voor de volgende, maar doet ook de mate van onreinheid groeien, waardoor je de indruk krijgt dat Christus met elke misstap op seksueel vlak, verder van je af komt te staan.