Mijn wortels als gelovige liggen niet in het Jodendom, maar in de zekerheid dat:

Christus door het geloof in mijn hart woning maakt. Geworteld en gegrond in Zijn liefde, ben ik dan samen met alle heiligen in staat, de omvang van de liefde van Christus te kennen, die alle (óók Joodse) kennis te boven gaat, opdat ik vervuld wordt tot alle volheid Gods.

Efeze 3:17-19

Dit is een gepersonifieerde weergave van een tekstgedeelte, waarin Paulus aangeeft, dat als de liefde van Christus (die uitgaat naar de Vader en de naaste) door het geloof woning in je maakt, de wet volkomen is vervuld.

Een nieuw hart

God had Israël uitgekozen om zijn plan ten uitvoer te brengen. Een plan waar uiteindelijk ook de andere volken bij betrokken zouden zijn. Dat plan bestond onder andere uit het geven van een nieuw of vernieuwd hart aan elk mens dat daarvoor in aanmerking zou komen. Dat nieuwe hart zou in staat zijn om te voldoen aan de eerste twee geboden die God aan Israël had bekend gemaakt. Immers, als men van harte aan de eerste twee geboden voldoet, is voldaan aan de gehele wet.

De profeet Ezechiël zegt in hoofdstuk 36:26-27 (NBG1951):

  • een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven. Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar mijn inzettingen wandelt en naarstig mijn verordeningen onderhoudt.

Dit proces wordt het nieuwe verbond genoemd:

  • Jeremiah 31:31 (HSV) Zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal sluiten. 

Dit nieuwe verbond is anders dan het oude verbond, dat met het volk Israël in de woestijn is gesloten:

  • Jeremiah 31:32 (HSV) niet zoals het verbond dat Ik met hun vaderen gesloten heb op de dag dat Ik hun hand vastgreep om hen uit het land Egypte te leiden – Mijn verbond, dat zij verbroken hebben, hoewel Ík hen getrouwd had, spreekt de HEERE. 

Een hard hart

Vanwege de hardheid van hun hart, heeft Israël zich niet aan het huwelijksverbond gehouden. Israël pleegde hoererij met andere goden (zie onder andere Maleachi 2:10-16). Ze kregen een daarom uiteindelijk een scheidbrief mee: Jeremiah 3:8 (NBG1951) Maar Ik zag, toen Ik Afkerigheid, Israël, ter oorzake van haar echtbreuk, verstoten en haar de scheidbrief gegeven had, dat haar zuster, Trouweloze, Juda, zich niet liet afschrikken, maar heenging en eveneens ontucht pleegde;. Het nieuwe verbond, dat met de komst van Christus zou worden gerealiseerd, betekende dat de wet van God in het hart geschreven zou worden:

  • Jeremiah 31:33 (HSV) Voorzeker, dit is het verbond dat Ik na die dagen met het huis van Israël sluiten zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven en zal die in hun hart schrijven. Ik zal hun tot een God zijn en zíj zullen Mij tot een volk zijn.

Er is verschil in de profetie van Ezechiël met die van Jeremia. Ezechiël zegt dat God een nieuw hart geeft en Jeremia zegt dat God zijn wet (in de vorm van een verbond) in dat hart zal schrijven. Het harde hart wordt als het ware verwijderd en op het zachte hart dat daarvoor in de plaats komt, schrijft God zijn wet. In het nieuwe testament wordt dat proces “opnieuw geboren worden” genoemd. Voordat God zijn wet in het hart kan schrijven. Moet eerst het hart worden vernieuwd of opnieuw worden geboren.

Wedergeboorte

In het gesprek met Nicodemus refereert Jezus aan de profetie van Ezechiël in hoofdstuk 36 en 37 (het dal van de dorre beenderen). Nicodemus vraagt zich namelijk af op welke wijze die nieuwe geboorte plaats zal vinden. Hij is in de veronderstelling, dat je dan opnieuw de Joodse wet moet leren. Opnieuw de moederschoot ingaan, zegt hij. In feite bedoelt hij daarmee: opnieuw naar school. Dus opnieuw geboren worden door de hele wet opnieuw, maar dan volgens nieuwe inzichten, door te denken. Daarom is hij bij Jezus op bezoek om van de (nieuwe) inzichten van Jezus kennis te nemen:

  • John 3:2 (NBG1951) deze kwam des nachts tot Hem en zeide tot Hem: Rabbi, wij weten, dat Gij van God gekomen zijt als leraar; want niemand kan die tekenen doen, welke Gij doet, tenzij God met Hem is.

Op de vraag van Nicodemus hoe dit alles dan in zijn werking gaat, antwoordt Jezus:

  • John 3:3 (NBG1951) Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien.

Met het Koninkrijk van God bedoelt Jezus, dat de wet van God in het hart van de gelovige wordt geschreven. God neemt als het ware het voortouw, door zijn wet in het hart van de mens te implementeren. Je bevindt je dus in het Koninkrijk van God als God zijn wet in het hart schrijft. Dan komen handel en wandel overeen met datgeen wat God in je hart legt. Nicodemus vraagt dan:

  • John 3:4 (NBG1951) Hoe kan een mens geboren worden, als hij oud is? Kan hij dan voor de tweede maal in de moederschoot ingaan en geboren worden?

En dan zegt Jezus iets opmerkelijks in de ogen van Nicodemus:

  • John 3:5-6 (NBG1951) Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan. Wat uit het vlees geboren is, is vlees, en wat uit de Geest geboren is, is geest.

Wil de mens ingaan in het Koninkrijk van God en dus de wet van God op z’n hart geschreven krijgen, zal hij opnieuw geboren moeten worden. En dat niet door je opnieuw te onderwerpen aan de wet in eigen kracht; naar het vlees, dus opnieuw in te gaan in de moederschoot van het onderwijs in de wet. Op die wijze kom je immers nooit van de wet los. Er moet een wedergeboorte door de Geest plaatsvinden. Die plaatst de innerlijke mens, uit de gebondenheid aan de zonde en het onderworpen zijn aan de wetmatigheid van het vlees, over in het Koninkrijk van God of onder de begeleiding van de Geest.

Met de wedergeboorte begint een proces van groei in dat Koninkrijk: God gaat door de Heilige Geest zijn wet in het hart schrijven. De wedergeboorte kan echter enkel maar plaatsvinden als het hart is vernieuwd of is overgeplaatst van slavernij onder de zonde, naar de vrijheid onder de Heilige Geest.  De grip van de zonde op het hart, dat de hardheid veroorzaakt, wordt losgemaakt. De hardheid van hart wordt teniet gedaan. God kan niet schrijven in een hart, terwijl de zonde het hart in zijn grip heeft.

Je zou kunnen zeggen, dat er eerst een bekering plaatsvindt en dat de wedergeboorte daarop het antwoord van de Geest is. De bekering is eenmalig en is een beslissing die alleen de mens zelf kan nemen; met de wedergeboorte start de actie van de Heilige Geest. Vandaar dat Jezus zegt: “tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest”. Uit water, omdat dit symbool staat voor de reiniging van het hart van ‘smetten vrij’ en uit Geest, omdat dit de opbouw of groei van de ‘Geest’elijke mens betekent. De Geest doet het hart opgroeien in het Koninkrijk van God. Vergelijk dit met wat Paulus zegt in:

  • Romeinen 12:2 (HSV): En word niet aan deze wereld gelijkvormig, maar word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is.

De goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is een andere omschrijving van Gods wet, die in het hart wordt geschreven. Op dit moment wordt echter niet meer van een wet gesproken, omdat de wil van de mens uit liefde voor de Vader en de Zoon, geheel synchroon gaat lopen met die van God.

Leven naar de Geest

Als de mens is overgeplaatst van de ene heerschappij, naar het andere Koninkrijk, gaat er een ander proces plaatsvinden: de groei van de Geestelijke mens:

  • Colossians 1:13 (NBG1951) Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde

Deze mens is gelijkvormig aan Christus, omdat in hem dezelfde Geest aan het werk is als Die in Christus. Die gelijkvormigheid is echter het resultaat van een groeiproces. In potentie is de gelijkvormigheid aanwezig. Alle kenmerken en eigenschappen die in Christus zijn, zijn door de Heilige Geest ook in de opnieuw geboren mens aanwezig, echter nog niet tot volle wasdom uitgegroeid.

Geen veroordeling

De nieuwe mens functioneert in Christus, oftewel onder leiding van de Heilige Geest (Romeinen 8:1-17). Die neemt het (de liefde tot de Vader) uit Christus en verkondigt de liefde voor de Vader aan het hart van de gelovige. De nieuwe mens is niet meer aan de zonde onderworpen en derhalve vrij van de wet. En als er geen wet meer is, kan er ook niet meer veroordeeld worden:

  • Zo is er dan nu geen veroordeling voor hen, die in Christus Jezus zijn. Want de wet van de Geest des levens heeft u in Christus Jezus vrijgemaakt, van de wet der zonde en des doods. 

De zonde veroordeeld

Christus heeft in het vlees, dat wil zeggen: de leefomgeving waar de zonde heerschappij over de mens voert, de zonde veroordeeld. Hij wandelde, ondanks Zijn aanwezigheid in het vlees, in een volkomen relatie met de Vader. Hij had de Vader lief en wilde niets anders, dan Diens wil uitvoeren. Dat maakte, dat Jezus volkomen ongrijpbaar was voor de zonde, omdat de wet niets anders kon doen dan instemmen met Zijn handel en wandel. Op deze manier heeft Hij de eis van de wet vervuld en de zonde voor altijd het zwijgen opgelegd, ook voor hen die op Hem hun vertrouwen stellen:

Want wat de wet niet vermocht, omdat zij zwak was door het vlees – God heeft, door zijn eigen Zoon te zenden in een vlees, aan dat der zonde gelijk, en wel om de zonde, de zonde veroordeeld in het vlees, opdat de eis der wet vervuld zou worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, doch naar de Geest.

Gezindheid van de Geest

De Geest verkondigt aan de gelovige in Christus een andere gezindheid. Een gezindheid is een fundament van waaruit de innerlijke mens functioneert:

  • Want zij, die naar het vlees zijn, hebben de gezindheid van het vlees, en zij, die naar de Geest zijn, hebben de gezindheid van de Geest,

De gezindheid van het vlees staat tegenover die van de Geest:

  • Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede. 

Zij die in het vlees zijn, zijn onderworpen aan de macht van de zonde, die via de wet heerschappij uitoefent. Zij kunnen niet gelijkertijd aan de vrijheid in Christus deelhebben. Er is een onoverbrugbare kloof tussen hen, die in het vlees (onder de wet) en hen, die in de Geest (in de vrijheid van de liefde Gods) zijn:

  • Daarom dat de gezindheid van het vlees vijandschap is tegen God; want het onderwerpt zich niet aan de wet Gods; trouwens, het kan dat ook niet: zij, die in het vlees zijn, kunnen Gode niet behagen.

Levend in gerechtigheid

Voor de kinderen Gods, dat wil zeggen zij die in de vrijheid van Christus zijn opgenomen, geldt dat zij niet in het vlees zijn. Het is de Heilige Geest, die via het proces van de wedergeboorte, zijn herstellende werkzaamheden uitvoert. Zij behoren Christus toe. Maar hun lichamen zijn nog altijd onderworpen aan de vergankelijkheid. Hun lichamen zijn nog niet verheerlijkt, zoals dat van hun Meester:

  • Gij daarentegen zijt niet in het vlees, maar in de Geest, althans, indien de Geest Gods in u woont. Indien iemand echter de Geest van Christus niet heeft, die behoort Hem niet toe. Indien Christus in u is, dan is wel het lichaam dood vanwege de zonde, maar de geest is leven vanwege de gerechtigheid.

De levendmakende Geest

De belofte, dat ook hun lichamen opgenomen zullen worden in dezelfde heerlijkheid als waar Christus zich reeds bevindt, staat nog uit. Alweer is het de Heilige Geest die uiteindelijk daarvoor zorgt, dat hun lichamen heerlijkheid zullen ontvangen:

  • En indien de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij, die Christus Jezus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont.

En, terwijl de belofte op verheerlijking uitstaat, worden de heiligen opgeroepen door de Geest alle verlokkingen, die het verblijf in het lichaam met zich mee brengt, door de Heilige Geest te overwinnen:

  • Derhalve, broeders, zijn wij schuldenaars, maar niet van het vlees, om naar het vlees te leven. Want indien gij naar het vlees leeft, zult gij sterven; maar indien gij door de Geest de werkingen des lichaams doodt, zult gij leven.

Zonen Gods

Hij die hen daarvoor de kracht geeft, is de Geest Gods zelf. Dat betekent, dat alleen zij die het alleen van Hem verwachten, zonen van God genoemd worden. De Geest Gods bewerkt een functioneren in liefde en ontspannenheid. Op geen enkele wijze worden de Zonen van Godin hun vrijheid beperkt. Het is de liefde tot de Vader, die de Heilige Geest vanuit Christus in hun hart uitstort, die hen motiveert en de intimiteit met de hemelse Vader bevordert:

  • Want allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen Gods. Want gij hebt niet ontvangen een geest van slavernij om opnieuw te vrezen, maar gij hebt ontvangen de Geest van het zoonschap, door welke wij roepen: Abba, Vader.

Erfgenamen

In het hart van “Geestelijke” kinderen van God, groeit het vaste besef, ondersteunt door het getuigenis van God zelf, dat ze niet alleen kinderen van God zijn, maar dat ze mogen delen in de erfenis van de Zoon. Zij hebben al hun werken in eigen kracht opgegeven en hun kruis (de smaad en de hoon van de wereld) op zich genomen en mogen te zijner tijd delen in zijn verheerlijking:

  • Die Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen Gods zijn. Zijn wij nu kinderen, dan zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van God, en mede-erfgenamen van Christus; immers, indien wij delen in zijn lijden, is dat om ook te delen in zijn verheerlijking…
Q

Neem contact op met de beheerder

U kunt onderstaand formulier gebruiken voor uw vraag, opmerking, correctie of aanvulling. Als uw bericht een specifiek artikel betreft, vergeet dit dan niet te vermelden. Indien u persoonlijk antwoord wilt ontvangen, geeft u dan u e-mailadres op. Uw bericht wordt dan niet op de website behandeld.
NB: Uw e-mailadres wordt niet door mij bewaard en ALLEEN gebruikt als u een persoonlijk antwoord wenst. Uw vraag/opmerking komt alleen bij mij terecht.

Neem contact met me op

Wilt U reageren op dit artikel?

Als u een reactie wilt geven of een gesprek wilt starten over wat u in dit artikel heeft gelezen, dan vraag ik u een account aan te maken en in te loggen.

Heeft u reeds een account dan kunt u hieronder inloggen. Geen account? Hier kunt u registeren.

Voordat u een account aanmaakt ....

Het account is bedoeld om u in de gelegenheid te stellen te reageren op artikelen. Dit is een service aan mijn lezers. Ik ga er derhalve vanuit, dat áls u een account aanmaakt, u óók reageert op een artikel.

Iedere bezoeker kan een account aanmaken. Maar aan ‘werkeloze’ abonnee’s heb ik geen behoefte. Een dergelijk ‘stille’ abonnee zal dan ook, meestal na 48 uur, van mijn website worden verwijderd. Als u binnen 48 uur een reactie schrijft op een artikel, zal uw account uiteraard niet meer worden verwijderd, tenzij u daarom verzoekt of uzelf via uw admin-paneel verwijdert.

Ik ben op zoek naar zinvolle en constructieve reacties en niet naar potentiële spammers.

Q

Login voor reacties en gesprekken