Het zaad van Adam – Deel 6

“De menselijke geest is zijn kracht en ‘instinct’ verloren?”

Ter bespreking: Na de val/opstand heeft de geest van de mens langzamerhand zijn kracht en “instinct” verloren alsof hij ten dode ingeslapen is. Wat hij heeft aan instinct in het kennen en dienen van God is volkomen verlamd. Even het bijzondere fenomeen van de “tovenaars” buiten beschouwing latend, hun niet-verloste geest houdt contact met satan en zijn boze geesten. Deze zijn dood voor God maar levend voor satan. De mensen na de val worden geheel door het vlees geregeerd en wandelen als antwoord op de verlangens van hun “zielse leven” en lichamelijke hartstochten. Zonder de leiding van de Heilige Geest werkt het intellect onafhankelijk, dus zeer gevaarlijk omdat het zaken van goed en kwaad verwisselt.

Mijn commentaar

In verband met de leesbaarheid, zal ik deze „Ter bespreking“ regel voor regel behandelen. Elke opmerking (die ik per opmerking hierna in quotes opneem) is de moeite waard er aandacht aan te besteden. Overigens zal ik op de betreffende punten niet al te diep ingaan, omdat verschillende kernpunten al in de voorgaande delen uitgebreid aan de orde zijn geweest.

a. Val / opstand van de mens

Na de val/opstand heeft de geest van de mens langzamerhand zijn kracht en “instinct” verloren alsof hij ten dode ingeslapen is.

Naar mijn mening is geen sprake van een val of een opstand. De ontwikkeling van de mens, zoals die door de overtreding van Adam als gevolg van de verleiding van Eva, op gang is gekomen, maakt deel uit van een allesomvattend plan van God. De bedoeling is, dat de mens eerst ervaart wat de gevolgen zijn van een leven op eigen kracht. Het kennis nemen van het goede in relatie tot het kwade is een onderdeel van de leerschool die de mens moet doorlopen, wil hij tot de conclusie komen, dat Gods weg alsnog de beste is. Het verhaal van God en Adam is op dit punt vergelijkbaar met dat van de vader en de verloren zoon, in de gelijkenis die Jezus vertelt (Lucas 15:11 ev). In dit verhaal is geen sprake van verwijt van de kant van de vader. De zoon vraagt z’n deel op van het bezit dat hem rechtens toestaat:

  • Luk. 15:12 (NBG1951) „De jongste van hen zeide tot zijn vader: Vader, geef mij het deel van ons vermogen, dat mij toekomt. En hij verdeelde het bezit onder hen (de twee zonen)“.

In de gelijkenis overschat de jongste zoon zichzelf. Diezelfde overschatting hebben Adam en Eva. En, zowel de vader in de gelijkenis als God in de hof in Eden, geven hun ‘zonen’ wat hun rechtens toekomt. Zonder verwijt en zonder rancune. Maar, in het geval van Adam, wel met de waarschuwing dat hun begeerte leidt tot de dood. Voor de verloren zoon gold dat hij uiteindelijk tot inkeer kon komen:

  • Luk. 15:17-18 (NBG1951) „Toen kwam hij tot zichzelf en zeide: Hoeveel dagloners van mijn vader hebben brood in overvloed en ik kom hier om van de honger. Ik zal opstaan en naar mijn vader gaan en tot hem zeggen: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en voor u,…

Die conclusie kan Adam echter niet meer trekken, omdat dat wat van God bekend is, onder invloed van het rijk der duisternis, buiten bereik van zijn inzicht is gebracht. De mens wordt dus gaandeweg als een blinde, die tastend z’n weg moet vinden. In deze is het terecht om te vermelden, dat het geen spel is wat God met de mens speelt. De satan heeft al zijn zinnen gezet op het vernietigen van de mens. Als hij er in kan slagen de mens te vernietigen, treft hij God in het hart van Zijn existentie en ontneemt hij God zijn status als enige, almachtige Schepper en Heer over alles dat leeft en, vooral, als Waarmaker van zijn woord. De naam van God zou niet meer zijn: „Ik ben wie Ik ben“ en daardoor zou elk vertrouwen op het Woord van God een leugen blijken. Profaan gesproken is het dus voor God erop of eronder. Dit is de strijd, die de satan in de hof is begonnen en die hij zal voortzetten, totdat …. er geen mens meer over is, die hij kan verleiden om te eten van de boom van kennis van goed en kwaad.

Tegenover al dit geweld, staat het eenmalige Woord van God: “Laat ons dan mensen maken …”. God heeft dit eens gesproken, maar de levenschenkende kracht van dat scheppende woord, klinkt door tot op de huidige dag. En het bewijs dat dit woord doet wat God heeft gesproken is, als eerste Jezus Christus, de tweede Adam, en als tweede, het volk dat uit Christus voortkomt, de geestelijke Eva.

De mens heeft echter niets verloren van wat God hem heeft gegeven; hij is door de zonde verblind geraakt. Niet ingeslapen, want dat zou betekenen dat hij alleen maar wakker hoeft te worden; Het is het vlees zelf, dat krachteloos en ongeschikt is voor een leven in Gods nabijheid. Het is echter de satan, die de mens voortdurend van dat besef beroofd, door hem juist bezig te houden met dat vlees. Dat het echter uiteindelijk de machteloosheid zelf is, die de mens in zijn huidige en vleselijke staat ervaart, die hem er toe brengt God alsnog aan te roepen, valt buiten het bevattingsvermogen van de satan. Met andere woorden: het is juist de duisternis, die de mens uiteindelijk van z’n eigen zwakte op de hoogte stelt en het verlangen naar het licht in hem aanwakkert. Hierbij zijn, helaas, diegenen uitgezonderd, die de duisternis liever hebben gehad, dan het licht. Het licht dat, zoals hierboven reeds aangegeven, schijnt in de persoon van Christus.

b. Een verlamd instinct

Wat hij heeft aan instinct in het kennen en dienen van God is volkomen verlamd.

De ‘vleselijke’ of ‘natuurlijke’ (mens) kan God enkel maar dienen via een Godsdienst welke op grond van de wet is gedefinieerd. Het is de wet, de opgestelde regels, waar de mens zich dan zo goed mogelijk aan houdt. Dat gold voor Adam (in zijn oorspronkelijke onbezoedelde staat) en dat geldt voor zijn nageslacht (in hun bezoedelde staat). De vleselijke mens kan God niet kennen, want de Enige die Hem doet kennen, is de eniggeboren Zoon, die aan de boezem is van de Vader. Godsdienst hoort bij het vlees  en is daar onlosmakelijk mee verbonden. Daaraan is door de zonde niets veranderd. Zodra de mens echter ingaat in het Koninkrijk van God, geleid door de Geest, valt het dienen van God weg. In het Koninkrijk van God kun je enkel maar wandelen, en wel voor Gods aangezicht, maar niet dienen. Dienen wordt gedaan door dienstknechten, maar zonen zitten met de Koning aan één tafel en genieten van datgeen wat hun wordt voorgezet.

c. De niet-verloste mensen-geest

Even het bijzondere fenomeen van de “tovenaars” buiten beschouwing latend, hun niet-verloste geest houdt contact met satan en zijn boze geesten. Deze zijn dood voor God maar levend voor satan.

De geesten van niet-verloste mensen houden zich per definitie niet bezig (houden dus ook geen contact) met satan en zijn boze geesten, maar uitsluitend (uitzonderingen daargelaten) met zichzelf. Zoals eerder opgemerkt, kunnen we de ‘geest’ van de mens zien als dat wat hem motiveert en in beweging brengt. De geest is in feite de zetel van de ‘wil’. De mens kan de ene kant op willen, maar de andere kant worden opgestuurd door het vlees, oftewel de ziel.

Ten gevolge van overtreding van Adam is de ‘wil’ van de mens gekoppeld aan de kennis van goed en kwaad, die hij opdoet door te eten van de boom van kennis. Maar omdat deze kennis altijd verbonden is aan de verleiding, raakt de ‘wil’ op drift. De wil van God, die expressie geeft aan Zijn liefde, is gericht op het goede, het welgevallige en het volkomene. Dat is het kenmerk van het eeuwige leven. Eigenlijk wil de mens dit ook, echter weet hij niet wat het goede, welgevallige en volkomene is. Bij God wordt zijn wil gestuurd en gemotiveerd door de volmaakte Liefde; bij de mens wordt de wil gestuurd en gemotiveerd door de de kennis van goed en kwaad. De geest van de mens en die van God zijn van hetzelfde soort; het punt is echter, dat de bij de wil van de mens de Liefde als basis ontbreekt. En dat leidt uiteindelijk tot de dood. Liefde is  niet overdraagbaar; liefde kan alleen maar worden ervaren. Daarom ‘geeft’ God aan Adam wat hij wenst, want dat is de enige manier waarop Adam kan ervaren, dat hij, op zichzelf gesteld, het niet redt. 

De vrucht van de boom bestaat uit wijsheid in het onderscheiden van goed en kwaad. De vrucht van de boom des levens is ook wijsheid. Het eten van de vrucht van die boom geeft echter wijsheid zonder het beoordelen van goed en kwaad. Uit de onderscheiding van goed en kwaad, komt de wet voort. Maar uit het eten van de boom des levens (deel hebben aan de Liefde) komt leven voort. Om precies te zijn: eeuwig leven. De boom des levens staat dus symbool voor het leven naar Gods wil: de mens leeft overeenkomstig het goede, het welgevallige en het volkomene. Hier komt geen wet of goed en kwaad aan te pas. Het enige dat de mens doet die wandelt in de ‘wil’ van God, is leven. Dat leven is eeuwig. Zowel in tijdsduur als in kwaliteit;  dit leven is onvergankelijk, dus van eeuwigheidswaarde.

De vleselijke mens, dat wil zeggen, de mens die gestuurd en gemotiveerd wordt door het vlees, kan geen deel hebben aan dit eeuwige leven. Ten opzichte van het leven, dat God uiteindelijk voor de mens in petto heeft, is dit leven dood. Maar dat wil niet zeggen, dat deze mens voor God dood is. God had immers contact met Adam voor z’n overtreding en Hij had contact met Adam en Eva nadat ze van de vrucht gegeten hadden. Het is niet de mens zelf die dood is; het is zijn functioneren dat dood is, want de mens wil niet wat God wel wil: het goede, het welgevallige en het volkomene. En het is dit functioneren (de werken) die als vrucht scheiding brengen tussen God en de mens. Deze scheiding is de dood: een vruchteloos (voor God inhoudsloos) en door de duisternis geïnspireerd leven. De natuurlijke en op het vlees gerichte mens is in feite een zombie: een levende dode. En het streven van de satan is, dat deze mens dat nooit in de gaten krijgt.

d. Het ‘zielse’ leven van de mens

De mensen na de val worden geheel door het vlees geregeerd en wandelen als antwoord op de verlangens van hun “zielse leven” en lichamelijke hartstochten.

Na de overtreding is het inderdaad het vlees dat regeert. Maar dat deed het ook vóórdat Adam overtrad. Het enige verschil is echter, dat na de overtreding de verleiding een allesoverheersende rol is gaan spelen. Voor de overtreding had de mens namelijk nog nergens voor gekozen en na de overtreding kón hij niet meer kiezen voor het leven. De komst van Jezus heeft juist dit gegeven definitief veranderd.

De situatie van de mens is echter nog niet helemaal weer terug naar af. Nog steeds is de mens buiten de hof geplaatst, maar de toegang tot de boom des levens is wel weer vrij gegeven. De reden is dat Jezus nu als de tweede Adam zijn vrouw, de geestelijke Eva, weer terugleidt de hof in en in de gelegenheid stelt zich alvast aan de boom des levens te goed te doen. De boom van kennis van goed en kwaad is echter ook nog in volle glorie aanwezig. We zouden kunnen zeggen, dat Eva is vrijgekocht van de plicht om te eten van de boom van kennis, maar dat ze nu nog in een soort van afkick-proces zit. Daarnaast bevindt ze zich in een omgeving waar praktisch iedereen zich nog tegoed doet aan de kennisboom.

De nieuwe Adam, Jezus Christus, en de nieuwe Eva (de Gemeente) bevinden zich dus nu eindelijk op school. Een school die tot aan Christus nog gesloten was, maar waarvan de klassen zich nu tot aan de nok vullen. En met elkaar groeien ze naar het beeld van God. En als het aantal en, met name, de kwaliteit van de Gemeente aan Gods verwachting voldoet, is het einde van de schooltijd gekomen en kan elke leerling zich, volledig en zonder voorbehoud, begeven in de volkomen realiteit van het eeuwige leven, dat God reeds lang heeft voorbereid voor hen, die volmaakt wandelen in Zijn liefde,

e. Een onafhankelijk intellect

Zonder de leiding van de Heilige Geest werkt het intellect onafhankelijk, dus zeer gevaarlijk omdat het zaken van goed en kwaad verwisselt.

Als de lezer mij vanaf het eerste hoofdstuk van dit artikel heeft gevolgd, zal deze inzien, dat het intellect van de mens zonder de leiding van de Heilige Geest juist niet onafhankelijk werkt. De zonde legt er een sluier op. Een sluier dat gaandeweg dikker en zwaarder wordt. Dat is de reden, dat het goed en kwaad zich verschuift richting het niveau van het rijk der duisternis. Men voelt nog wel relatief aan wat goed en kwaad is (er wordt dus niets verwisseld), maar de norm ontbreekt. De balans is en wordt niet geijkt.

Daar komt nog bij, dat ook de natuurlijke schepping zelf toenemend op drift raakt. Concreet wil dit zeggen, dat er geen mens meer is, die kan zeggen dat God hem zo heeft gemaakt. Niet alleen de dieren zijn niet meer oorspronkelijk, maar ook de mens is niet meer zoals hij was. Zowel het lichaam als het denken is aangetast door de zonde. En dat maakt de situatie zo gevaarlijk.

Het herstel van de mens, die het vertrouwen op Christus stelt, begint dan ook in zijn denken. Het lichaam/de ziel moet echter nog wachten. Dus zo gebeurt het dat iemand zich homoseksueel voelt, maar toch, ondersteunt door de Geest uit God, tot de conclusie komt, dat zijn geaardheid niet door God is gewild. Hij krijgt dan ongetwijfeld van God het inzicht en de kracht zich, ondanks zijn beschadigde geaardheid, toch rein te gedragen. Maar ook gelovigen die zich in een ‘verkeerd’ lichaam geplaatst voelen, of gelovigen die tekenen van beide geslachten in hun lichaam met zich meedragen, zullen wat betreft hun lichamen moeten wachten op het moment dat God de vergankelijkheid in de schepping aanpakt. Ondertussen kan dan wel het inzicht groeien, dat hun situatie niet door God is gewild/gegeven, maar ze wel de kracht krijgen hun smaad te dragen.

Jezus Christus heerst in Gods Koninkrijk

“… Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn”.

Matthew 24:13-14 (NBG1951)

Abonneren?

Voer je e-mailadres in om je in te schrijven op dit blog en e-mailmeldingen te ontvangen van nieuwe berichten.

u

Heeft u een vraag...

en/of een opmerking?

...neem dan contact op.

Wilt U reageren op dit artikel?

Als u een reactie wilt geven of een gesprek wilt starten over wat u in dit artikel heeft gelezen, dan vraag ik u een account aan te maken en in te loggen.

Heeft u reeds een account dan kunt u hieronder inloggen. Geen account? Hier kunt u registeren.

Voordat u een account aanmaakt ....

Het account is bedoeld om u in de gelegenheid te stellen te reageren op artikelen. Dit is een service aan mijn lezers. Ik ga er derhalve vanuit, dat áls u een account aanmaakt, u óók reageert op een artikel.

Iedere bezoeker kan een account aanmaken. Maar aan ‘werkeloze’ abonnee’s heb ik geen behoefte. Een dergelijk ‘stille’ abonnee zal dan ook, meestal na 48 uur, van mijn website worden verwijderd. Als u binnen 48 uur een reactie schrijft op een artikel, zal uw account uiteraard niet meer worden verwijderd, tenzij u daarom verzoekt of uzelf via uw admin-paneel verwijdert.

Ik ben op zoek naar zinvolle en constructieve reacties en niet naar potentiële spammers.

Q

Login voor reacties en gesprekken