Het ontstaan van het kwaad

Wees dan niet bezorgd over de dag van morgen, want de dag van morgen zal voor zichzelf zorgen; elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad.

Matthew 6:34 (HSV)

Paulus zegt in de eerste brief aan Timotheus (6:10): „Want geldzucht is een wortel van alle kwaad. Door daarnaar te verlangen, zijn sommigen afgedwaald van het geloof, en hebben zich met vele smarten doorstoken“. Uiteraard gaat het hier ten diepste niet over het verlangen (eigenlijk: hunkeren, begeren) naar geld op zich, maar naar hetgeen geld vertegenwoordigt. Geldzucht is eigenlijk het ‘begeren naar bezit’. Die begeerte richt zich dus op dat wat je nog niet hebt. Maar het begrip dat met ‘geldzucht’ wordt vertaald, gaat nog dieper. Ze wordt niet bevredigd als je eenmaal hebt waar je in eerste instantie naar verlangde, maar de begeerte richt zich op ‘meer’. Een bijkomend probleem is, dat het verlangen naar meer op den duur zo sterk wordt, dat uiteindelijk het hele denken daaraan onderworpen is; begeerte wordt allesoverheersend. De geldzucht heeft zich in het denken geworteld en begint zich uit te breiden.

Begeerte naar meer

Het gaat hier dus niet om geld op zich. Ik schreef eerder dat het begint met de gedachte dat je iets tekort komt. Jezus zegt in Mattheus 6:31-32 (HSV) „Wees daarom niet bezorgd en zeg niet: Wat zullen wij eten? of: Wat zullen wij drinken? of: Waarmee zullen wij ons kleden? Want al deze dingen zoeken de heidenen“. Het feit dat de heidenen bezorgd zijn om de meest elementaire zaken, wijst er op dat de mens een chronisch tekort ervaart. Maar dat tekort opheffen is niet voldoende om de bezorgdheid weg te nemen. Want in feite vreest men niet het tekort op zich, maar de bezorgdheid. En het enige dat de mens kan doen om die bezorgdheid te voorkomen is een overvloed te creëren. Hij wil dus niet ‘slechts’ voldoende, maar meer, zodat er voor (in feite) onbepaalde tijd voldoende is. Het probleem is echter, dat als eenmaal aan de behoefte is voldaan, er daarna vrees ontstaat het weer kwijt te raken. En dat is wat in feite de betekenis van geldzucht is: een niet te beteugelen behoefte naar meer bezit, maar ook dat ‘meerdere’ bezit vast te houden of nog uit te breiden. Dat bezit kan fysiek – , maar ook status, macht en kennis zijn. Het kan het verlangen naar erkenning zijn. Of de wens voor vol aangezien te worden. Men wil gerespecteerd worden en het gevoel hebben van waarde te zijn.

De behoefte aan meer (maar dus ook aan iets dat je nog niet bezit) is geldzucht en dientengevolge de wortel van alle kwaad. Als Eva bij de boom van kennis van goed en kwaad staat, beseft ze dat ze wijsheid tekort komt. Op hetzelfde moment roept de slang het verlangen (of de begeerte) op, wijsheid te verwerven door te eten van de vrucht. Ze ‘zag’ dat:  „die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er verstandig door te worden“ Genesis 3:6 (HSV). Je zou kunnen zeggen, dat in het hart van Eva bezorgdheid opkwam; ze dacht dat ze wijsheid tekort zou komen, als ze niet van de vrucht zou eten. Ze at dus van de vrucht, niet omdat ze in opstand kwam, maar omdat ze zich ineens afvroeg of ze wel voor zichzelf zou kunnen zorgen.

Op het moment dat Eva toegaf aan haar begeerte (naar wijsheid!), kwam het kwaad in de wereld. Haar toegeven aan het verlangen wijs te worden via het eten van de boom van kennis, viel als een zaadje in de grond waar heel de mensheid uit zou ontstaan. En het zaadje is in de loop van vele eeuwen uitgegroeid tot een alles overwoekerend onkruid dat inmiddels heel de mensheid in de greep houdt. Vanaf het moment dat de mens geboren wordt en zichzelf bewust wordt, begint hij te streven naar kennis en wijsheid om te leven. Elk mens eet van de boom van kennis en geeft daarmee het zaad van het kwaad door naar elke generatie. Geen mens is in staat zich aan het kwaad te onttrekken. 

Begeerte leidt van kwaad tot erger

Dat impliceert ook, dat wat de mens voortbrengt allemaal kwaad is. Het is door het alomtegenwoordige kwaad, dat de mens weet wat goed is; de mens weet van het goede, doordat dit in de wereld ontbreekt. Dat is sinds de overtreding van Adam de paradox waar de mens niet aan kan ontsnappen: hij zoekt het goede, maar alles wat hij voortbrengt is kwaad. Dat is de enige praktische wijsheid die hij opdoet, tijdens zijn leven. Als zodanig heeft het kwaad een onderwijzend karakter. Eva verlangde naar het onderscheid in het kennen van goed en kwaad. Dat moest haar wijsheid geven. Maar wat ze leerde kennen, was het kwaad; de mogelijkheid om te kiezen voor het goede (wat echte wijsheid inhoudt) had ze zichzelf ontnomen. Het onderwijzend karakter van het kwaad is, dat het goede wel moet bestaan (als tegenhanger van het kwaad) en dus dat de mens door het alomtegenwoordige kwaad als het ware wordt aangemoedigd om desondanks het, voor hem utopische, goede te zoeken. Ten diepste wijst het kwaad dus naar God.

De mens in deze wereld schiet dus tekort in het goede. En dat ervaart hij ook. Echter, heeft hij in de loop van de tijd de angel uit deze waarheid getrokken, door eenvoudig het kwaad als geheel te ontkennen. Hij heeft zichzelf wijs gemaakt, dat hij wel degelijk in staat is het goede te doen. Hij heeft zichzelf een medaille gemaakt waarvan hij de ene zijde goed – en de andere zijde kwade  noemt. Daarmee heeft de mens het goed binnen zijn leefwereld gehaald, maar hij beseft niet dat de medaille zich al helemaal in het kwade bevindt. De medaille is immers de wijsheid, die hij verkrijgt door te eten van de boom. Maar het eten van de boom is op zichzelf al kwaad. Dus het karakter van alles wat de mens produceert is al kwaad in zichzelf. Het maken van onderscheid in wat kwaad is en dat wat minder kwaad is, maakt het mindere kwaad niet per definitie goed.

We zagen al eerder, dat juist het eten van de boom van kennis, het kwaad voortbrengt en dat uit dit eten praktisch nooit het goede kan voortkomen. Hierdoor bevindt de mensheid zich dus op een doodlopend traject. Letterlijk. Maar door het onderwijzende karakter van het kwaad, kan de mens inzien dat het goede wel bestaat, maar buiten zijn bereik is geraakt. Om deze impasse te doorbreken is een oordeel nodig. Een oordeel heeft alleen maar zin als er een keuze mogelijk is. Immers, het heeft geen zin om een oordeel uit te spreken over een dader die aantoonbaar geen andere keuze heeft. Een oordeel wijst een t-splitsing in de weg. Dat kan zowel de dood als het leven zijn. De kern van een oordeel is dat het een eindpunt is. Daarom is ook alleen het laatste oordeel geldig.

Oordeel en keuze

In het Evangelie van Johannes zegt Jezus tegen Nicodemus: 

  • John 3:19 (HSV) „En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liefgehad, meer dan het licht, want hun werken waren slecht“.

Jezus is het vleesgeworden woord van God dat als een licht in deze wereld is gekomen. Hij personifieert het licht, omdat Hij als Enige het recht heeft verworven het eeuwige woord van God te spreken. Het oordeel is weer de boodschap dat het licht is gaan schijnen. En het licht zelf, schijnt weer door Jezus in de woorden die Hij spreekt. Zijn woorden zijn genade en leven voor degene die ze hoort. Maar het is een boodschap die nooit tevoren werd verkondigd. Het gevolg is geweest, dat de mens er intussen maar het beste van heeft gemaakt. Maar het punt is dat iedereen die van de boom van kennis eet, zich in de duisternis bevindt. Concreet geldt dit dus voor elk mens. Maar er zijn er, die de duisternis omarmen en zelfs lief hebben gekregen. Ze hebben geleerd onder het juk van de duisternis hun voordeel te doen met de situatie. Aan de andere kant zijn er ook, die onder het juk van de duisternis gebukt gaan en verlangen naar vrijheid en dus naar een leven in het licht.

  • John 3:20 (HSV) „Want ieder die kwaad doet, haat het licht en komt niet tot het licht, opdat zijn werken niet ontmaskerd worden“

Voor hen die de duisternis lief hebben gekregen, is er weinig hoop. Ze haten het licht, want het licht maakt werken openbaar. Let op, dat dit losstaat van het begrip dat men van goed en kwaad heeft. Hun begrip van goed en kwaad is als het ware gekleurd door de duisternis. Maar het oordeel gaat niet over het menselijke begrip van goed en kwaad, licht en duisternis, maar over het Bijbelse begrip van goed en kwaad. Alles wat de mens in eigen kracht voortbrengt is kwaad, omdat het tijdelijk en vergankelijk is. Daarom brengt alleen God het goede voort, omdat dit goed van eeuwigheidswaarde is. De werken van de mens komen altijd voort uit ongeloof, terwijl de werken van God eeuwig leven voortbrengen. 

  • John 3:21 (HSV) „Maar wie de waarheid doet, komt tot het licht, opdat van zijn werken openbaar wordt dat ze in God gedaan zijn“.

De mensen die de duisternis mer lief hebben dat het licht, zijn van alle tijden. Maar de mensen die begrijpen dat alleen God de bron is van het Licht (terwijl ze beseffen dat dit licht zich buiten hun blikveld bevindt) zijn ook van alle tijden. Het oordeel dat uitgesproken wordt in de komst van Christus, stelt hun in het recht; het licht komt binnen bereik en ze kunnen op weg gaan om in dat licht te wandelen. In plaats van het noodzakelijke eten van de boom van kennis, wordt hun vergund te eten van de boom des levens. Het oordeel betekent dat de mens nu een keuze kan maken: Blijven in de duisternis en blijven eten van de boom van kennis van goed en kwaad of met Christus op weg gaan en eten van de boom des levens, zodat het leven Gods in zijn binnenste wordt tot een fontein die springt ten eeuwige leven: „maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen levenJohannes 4:14 (NBG1951).

Leven onder Gods vleugels

De mensen die leven in de schaduw van Gods Zoon, Jezus Christus, worden getuigen van het leven. Zij laten zien dat zij hun kennis van goed en kwaad uit een andere bron putten. Zij zijn levende getuigen van Christus, puur vanwege het leven dat ze leiden:

  • Romans 12:17 (HSV) „Vergeld niemand kwaad met kwaad. Wees bedacht op wat goed is voor alle mensen“.

Ze worden gevoed door de vrucht die groeit aan de boom des levens. De vrucht die uit de boom van het leven voortkomt is de pure liefde die rechtstreeks uit het hart van de Vader voortkomt. Ondanks het feit, dat ze nog steeds in de wereld van het kwaad leven, wandelen ze niet meer in de duisternis, maar in het licht. Ze zijn dus voor iedereen zichtbaar, die evenwel nog niet in dat licht wandelt. Ze leven een leven dat voortkomt uit liefde:

  • Romans 13:10 (HSV) „De liefde doet de naaste geen kwaad. Daarom is de liefde de vervulling van de wet“.

Gedurende hun aardse leven zullen ze dan ook voortdurend worden aangemoedigd om het goede te blijven navolgen. Hun wandelen in het licht is namelijk niet automatisch maar het gevolg van hun keuze. Die keuze is niet wettisch, maar ingegeven door de vrijheid die ze in Christus ervaren. Dat betekent concreet, dat ze elk moment, hun keuze van harte bevestigen. Ze bewerken voortdurend hun behoudenis met vreze en beven. Vreze en beven, omdat ze voor geen goud ter wereld nog hun Heer en Heiland willen verloochenen.

Hun streven is het dus, alleen nog maar te eten van de boom des levens en niet meer terug te vallen in een bestaan, waar de boom des kennis centraal staat. Want ze hebben ondervonden wat het werkelijk betekent vrij te zijn en in het licht van God te wandelen. Ze doen goed, omdat het goede uit God voortkomt. Hun begeerte is het de wil van God te doen. En de wil van God is voor hun, het voortbrengen van dat wat goed, welgevallig en volkomen is.  

Resumerend

  • 3 John 1:11 (HSV) „Geliefde, volg niet het kwade na maar het goede. Wie goeddoet, is uit God; maar wie kwaad doet, heeft God niet gezien“.

Ware gelovigen zijn uit God en maken zich niet meer bezorgd over hun leven en wat ze daarvoor nodig hebben. Hun hemelse Vader weet wat ze nog hebben. Ze zijn niet meer als de heidenen die zelf hun broek moeten ophouden en zichzelf moeten verzorgen: „Want al deze dingen zoeken de heidenen. Uw hemelse Vader weet immers dat u al deze dingen nodig hebt. Maar zoek eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u erbij gegeven worden“. Derhalve is het advies dat Jezus Zijn volgelingen geeft: „Wees dan niet bezorgd over de dag van morgen, want de dag van morgen zal voor zichzelf zorgen; elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad“. Mattheus 6:32-34 (HSV). De mens moet sinds de overtreding van Adam in z’n eigen onderhoud voorzien. Hij schiet daarin echter tekort en dat maakt hem bezorgd. Uit die zorg ontstaat begeerte. En die begeerte leidt weer tot strijd en oorlogen die de mensheid zonder God zo kenmerkt (Jacobus 4:1-2). Maar dankzij Zijn genade is er nu de Zoon op wie de mens z’n vertrouwen kan stellen, zodat hij nu zijn verlangen kan richten op het doen van de wil van God: het goede, het welgevallige en het volkomene.

Ik bid van harte, dat dit getuigenis van de Gemeente van Jezus Christus, krachtig in de wereld wordt gezien, zodat nog velen zullen inzien dat er inmiddels een Weg is uit deze vicieuze cirkel van kwaad tot erger.

Jezus Christus heerst in Gods Koninkrijk

“… Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn”.

Matthew 24:13-14 (NBG1951)

Abonneren?

Voer je e-mailadres in om je in te schrijven op dit blog en e-mailmeldingen te ontvangen van nieuwe berichten.

u

Heeft u een vraag...

en/of een opmerking?

...neem dan contact op.

Wilt U reageren op dit artikel?

Als u een reactie wilt geven of een gesprek wilt starten over wat u in dit artikel heeft gelezen, dan vraag ik u een account aan te maken en in te loggen.

Heeft u reeds een account dan kunt u hieronder inloggen. Geen account? Hier kunt u registeren.

Voordat u een account aanmaakt ....

Het account is bedoeld om u in de gelegenheid te stellen te reageren op artikelen. Dit is een service aan mijn lezers. Ik ga er derhalve vanuit, dat áls u een account aanmaakt, u óók reageert op een artikel.

Iedere bezoeker kan een account aanmaken. Maar aan ‘werkeloze’ abonnee’s heb ik geen behoefte. Een dergelijk ‘stille’ abonnee zal dan ook, meestal na 48 uur, van mijn website worden verwijderd. Als u binnen 48 uur een reactie schrijft op een artikel, zal uw account uiteraard niet meer worden verwijderd, tenzij u daarom verzoekt of uzelf via uw admin-paneel verwijdert.

Ik ben op zoek naar zinvolle en constructieve reacties en niet naar potentiële spammers.

Q

Login voor reacties en gesprekken